vrijdag 23 december 2011

Een nieuwe fiets voor 25 Euro? Dat kan niet!

De misdaad in Eindhoven loopt terug en de stad wordt onmiskenbaar veiliger, zo blijkt uit de statistieken. Mooie rapportcijfers, maar voor de politie geen reden om tevreden achterover te leunen. Want er blijft werk aan de winkel, aldus Geert Jansen en Gerard Goossens. ‘Waarbij we ons de komende tijd met nadruk meer willen richten op vormen van criminaliteit die voor het publiek niet meteen zichtbaar zijn. Zoals illegaal gokken en heling. Maar de politie kan ook dit niet alleen oplossen. We hebben daar de gemeente, de bewoners en andere partners in veiligheid hard bij nodig.’ Ook hier vraagt de politie om een actieve rol van de burger. ‘Via internet is het steeds makkelijker om te controleren of je gestolen waar krijgt aangeboden. Een nieuwe fiets die maar 25 Euro kost? Dat kan niet kloppen. Wees daarom betrokken en waakzaam. Want als je iets doet tegen heling, verminder je het rendement van criminaliteit. Het gezegde zonder heler geen steler gaat wat dat betreft nog steeds op’, zegt Jansen.
De actualiteit geeft hier deels de richting aan. ‘Op het moment is de economie slecht en de goudprijs hoog. Dit betekent een hausse aan in- en verkopen bij de goudhandel. Ook de pandjesbazen doen op het moment goede zaken. Dat zijn traditioneel markten waar het risico op heling groter is. Daar willen wij dus bovenop zitten’, voegt Goossens daaraan toe.

Daarnaast is het nu tijd voor het zogeheten ‘donkere dagen offensief’. Goossens: ‘Alle overzichten laten zien dat in de periode voor Sinterklaas en de Kerst veel meer overvallen plaats vinden. Wij weten vaak wie de potentiële overvallers zijn en waar ze veelal hun slachtoffers zoeken. Zowel de mogelijke slachtoffers als de potentiële daders benaderen we. Buurtbrigadiers informeren hun wijk en vragen om alertheid van buurtbewoners; tegen verdachten zeggen we: ‘let op: we houden je in de peiling.’

Lik op stuk

Juist dan blijkt weer eens hoe belangrijk informatie is voor goed politiewerk. ‘Als je alle kennis naast elkaar legt tekenen zich patronen af. Bijvoorbeeld dat op een gegeven moment vooral pompstations en cafetaria’s het doelwit van overvallers zijn. Op basis daarvan kun je signalen afgeven. Dat verhoogt de alertheid,’ aldus Jansen. Eindhoven is een van de vijf steden in het land waar de politie proef draait met de ‘ZSM-aanpak’. Hierbij worden o.a. winkeldiefstallen zo snel mogelijk justitieel afgehandeld, waar mogelijk binnen één dag. Goossens is tevreden over de resultaten tot nu toe. ‘Je geeft écht lik op stuk. De dader krijgt direct een boete of straf opgelegd en het slachtoffer zo mogelijk genoegdoening.’ Nog een voordeel is dat deze werkwijze zowel politie als justitie ontlast. ‘Zodat we agenten weer sneller op straat kunnen inzetten.’

Ook de politie kan niet om de realiteit heen. Er dreigt een recessie en de overheid gaat volop bezuinigen. ‘Als bij onze partners in veiligheid de hand op de knip gaat merken wij dat ook’, stelt Goossens. ‘Als jongerencentra of buurthuizen dicht gaan verhuist de jeugd naar de straat en raakt de sociale cohesie verstoord. Ook dat verhoogt gevoelens van onveiligheid.’ Toch eindigen de twee politiechefs niet in mineur. ‘In zulke situaties beseffen mensen vaak dat ze elkaar hard nodig hebben. Dat maakt nieuwe creativiteit los. Op zijn beurt noodzaakt het ons als politie om nóg slimmer samen te werken.’

Geert en Gerard wensen alle lezers van het blog hele fijne feestdagen en de beste wensen voor 2012!

Geert Jansen en Gerard Goossens

donderdag 24 november 2011

Veiligheid is van ons allemaal, niet alleen van de politie of de gemeente

Hart en ratio kunnen elkaar wel eens in de weg zitten. Deze stelling gaat ook op voor de veiligheid, aldus Gerard Goossens en Geert Jansen, de twee politiechefs van Eindhoven. ‘Volgens de cijfers wordt het steeds veiliger in de stad. Het aantal auto- en woninginbraken en overvallen bijvoorbeeld loopt merkbaar terug. Tegelijk geven de inwoners aan dat ze zich ondanks dit alles toch onveiliger voelen’, zegt Goossens. ‘Dat is een belangrijk strijdpunt voor ons’, voegt zijn collega Jansen daaraan toe. Hoe krijgen we de burgers erin mee dat ze zich daadwerkelijk veiliger voelen zogauw het ook veiliger wordt.’
Drie factoren bepalen volgens beide politiechefs deze afwijking tussen werkelijkheid en beleving: de invloedrijke rol van de media, de relatie tussen veiligheid en leefbaarheid, en de projectie van de mens zelf. ‘Als er in Australië een ernstig ongeluk plaatsvindt is dat binnen vijf minuten over de hele wereld bekend. Via tv, krant, Twitter en Facebook worden we overstroomd met berichten. Waarbij de impact van slecht nieuws groter is dan die van goed nieuws. Dit verhoogt de onrustgevoelens onder mensen’, meent Jansen.
Goossens merkt bij zijn bezoeken aan Eindhovense wijken dat burgers een directe link leggen tussen veiligheid en leefbaarheid. ‘Onveiligheid is ook sociaal onbehagen. Een pinautomaat die verdwijnt, rommel op straat, een buurthuis dat sluit; ogenschijnlijk kleine dingen die door buurtbewoners meteen worden geassocieerd met onveiligheid.’ Daarnaast zetten sommige incidenten zich hardnekkig vast in de beeldvorming. ‘Als er in de straat achter je een inbraak plaatsvindt, versterkt dat de emotie dat je in een onveilige buurt woont. Zonder dat de realiteit dit onderschrijft.’

Veiligheid checken
Wat is eraan te doen? Goossens en Jansen geloven dat regelmatige verstrekking van betrouwbare informatie (o.m. via social media) een stap in de goede richting is. ‘Weten wat er gebeurt in je eigen omgeving helpt je een reëel beeld te krijgen van de veiligheid. Daar kun je rustiger van worden. Het zou mooi zijn als je via een soort 'buurtthermometer' kon checken hoe de veiligheid in je eigen straat is. Binnenkort doet Burgernet zijn intrede, de opvolger van SMS-alert. Het achterliggende doel is dat burgers het gevoel krijgen dat veiligheid iets is van ons allemaal, niet alleen van de gemeente en de politie.’
Repressie lost soms problemen op. Daarnaast is preventie nog steeds een probaat middel om de veiligheid op een hoger plan te brengen. ‘Goed hang- en sluitwerk; je buren informeren dat je op vakantie bent; er is nog steeds een wereld te winnen op dit terrein’, gelooft Jansen. Daarnaast zou wat meer alertheid ook helpen, constateert Goossens. ‘ Veel inbraken vinden nog steeds plaats omdat achterom de poort en de keukendeur open staan. Het hoort bij de Brabantse mentaliteit dat je gewoon bij de buurvrouw binnen moet kunnen lopen voor een kop koffie, maar met wat extra aandacht en kleine maatregelen kun je veel ellende voorkomen. En het zou ook prettig zijn als burgers gewoon wat vaker de telefoon nemen om de politie te melden dat ze iets zien dat van het gewone afwijkt of dat ze verdacht voorkomt. Dat soort informatie zet ons vaak op het spoor van oplossingen’.

dinsdag 8 november 2011

Soms moet je helaas nee verkopen aan een slachtoffer

De staafdiagrammetjes en statistieken spreken klare taal: het afgelopen jaar heeft Eindhoven op het gebied van veiligheid een inhaalslag gemaakt. Neem de woninginbraken. Dat aantal daalde van gemiddeld 1850 per jaar in de afgelopen periode naar 1700 in 2010. In 2011 bedroeg de score tot eind augustus duizend. Bij de overvallen is het rapportcijfer nog beter: van 85 in 2008, naar 36 in 2010. En het lijkt dat deze afname dit jaar doorzet.
Het is heel mooi dat we juist op deze twee vormen van criminaliteit beter zijn gaan scoren, want die worden door burgers als zeer ingrijpend ervaren. Een overval is zeer traumatisch en een woninginbraak voelt als een zware inbreuk in je privéleven. Iedereen hoort zich in zijn eigen huis veilig te kunnen voelen.
Er zijn verschillende oorzaken voor de trendbreuk aan te wijzen. De inzet van de politie is er steeds meer op gericht om niet het incident aan te pakken, maar het probleem erachter. Daardoor krijg je beter in beeld waar de onveiligheid en overlast in de stad zich concentreren en wie daar de schuld van zijn. Dat doen we niet in ons eentje. Ook inwoners van Eindhoven en partners als de gemeente, GGzE, Novadic, Lumens Groep, buurt- en winkeliersverenigingen leveren een bijdrage. We richten ons op voorkomen van zaken. Dat begint nu vruchten af te werpen. Waarbij de gemeente de regie heeft.

Een andere succesfactor is de aanpak van de zogeheten veelplegers. Er zijn in Eindhoven vijftig tot zestig mensen actief die het gros van alle delicten voor hun rekening nemen. Als je weet wie dat zijn kun je grote klappers maken. Wanneer je deze daders opbergt zie je het effect daarvan meteen terug in het aantal aangiften. Je moet er wel permanent mee bezig zijn en er constant bovenop zitten, maar het loont wel. Wat ook helpt is dat we de criminele jeugdgroepen in Eindhoven voortaan scherper in het vizier houden.

Bekende gezichten

Het past steeds meer bij een politie die zich in de haarvaten van de samenleving ophoudt. Kennen en gekend worden is ons devies. Dat zie je ook in de wijken in de stad waar onze buurtbrigadiers heel aanwezig zijn. Dat zijn bekende gezichten die heel dicht bij de bewoners staan. De voortgang ten spijt is niet alles rozengeur en maneschijn op veiligheidsgebied in Eindhoven. Wat nog niet goed loopt is het hele geweldsverhaal. Huiselijk geweld, openlijk geweld en mishandeling; daarvan zien we nog altijd teveel aangiften voorbij komen. Tegelijk is duidelijk dat de politie keuzes moet maken in zijn optreden van alledag. Zelfs met 300 agenten erbij zouden we niet alles in deze stad kunnen oppakken. Dat heeft wel tot gevolg dat je soms nee tegen een slachtoffer moet verkopen. Voor het slachtoffer in kwestie is dat onbegrijpelijk, want je eigen pijn voel je het meest.

Gerard Goossens en Geert Jansen

woensdag 10 augustus 2011

Sta of ik schiet. Gebruik van het dienstwapen

De afgelopen weken hebben zich in Eindhoven een aantal incidenten voorgedaan waarbij collega's het dienstpistool hebben gebruikt. Bij de aanhouding van een verdachte van een overval werd op maandag 25 juli een waarschuwingsschot gelost. Een tankstation aan de Karel de Grotelaan werd die avond overvallen door een man met een mes. Een aantal getuigen volgden de verdachte en de politie kon hem in een park aan de Maria van Bourgondiëlaan aanhouden. Tijdens de achtervolging werd het waarschuwingsschot gelost.
Op 3 augustus was een collega wederom genoodzaakt het dienstpistool ter hand te nemen. Ook weer na een overval waarbij de verdachte er vandoor ging. In Son werd een winkel aan het Raadhuisplein overvallen. Ook hier kon een alerte burger de verdachte volgen en de politie op die manier op de hoogte houden. Op de Boschdijk in Eindhoven kon de verdachte worden aangehouden. Tijdens de achtervolging heeft de politie een waarschuwingsschot gelost.

Impact
Voor de buitenwereld lijkt het misschien de "normaalste" zaak van de wereld, dat agenten hun pistool gebruiken, dat behoort immers tot hun werk en daarvoor zijn ze toch opgeleid. Voor politiemensen is dat echter niet zo vanzelfsprekend. Het komt ook niet vaak voor dat een agent zijn of haar vuurwapen gebruikt. Het schieten maakt dan ook altijd indruk op de betrokken collega. Zeker als er bij het schieten ook nog eens iemand gewond is geraakt….of nog erger, is komen te overlijden. Dat gaat je niet in de koude kleren zitten. Politiemensen worden in dat soort gevallen ook opgevangen door een zogenaamd TCO (Team Collegiale Opvang). Dat team begeleidt hen bij de verwerking.

Regels
Naast de impact die het persoonlijk heeft op de politieman of -vrouw, is het gebruik van het (vuur)wapen aan een aantal strenge regels en voorwaarden verbonden. Dit geldt ook voor het lossen van een zogenaamd "waarschuwingsschot". Dat mag alleen als "gericht schieten" ook mag.
In een "split second" moeten al deze overwegingen bij de collega door zijn hoofd gaan. Bij het trekken van het vuurwapen moet hij of zij zich bewust zijn van de regels, zoals: "alleen voor een feit waar een gevangenisstraf van vier jaar of meer is gesteld, ernstige aantasting van de rechtsorde en de persoonlijke levenssfeer, zijn eigen en andermans veiligheid, niet op andere wijze aan te houden en de identiteit van de verdachte is niet bekend".

De politie heeft als enige organisatie in Nederland het zogenaamde "geweldsmonopolie", waarbij gebruik gemaakt mag worden van de voorgeschreven geweldsmiddelen, naast wapenstok, pepperspray, het vuurwapen.
Politiemensen worden daar ook periodiek in getraind en dienen gecertificeerd te zijn om gewapend op straat te mogen werken. Het aan te wenden geweld moet altijd "proportioneel" zijn, dat wil zeggen dat het aangewende geweld van de politie in een juiste verhouding staat tot het doel.

De collega die geweld heeft gebruikt legt hiervoor ook altijd schriftelijke verantwoording af. Als het vuurwapen gebruikt is, wordt, naast een melding aan zijn leidinggevende, de korpsleiding en de dienstdoende Officier van Justitie, het oordeel over de rechtmatigheid van het vuurwapengebruik binnen 48 uur voorgelegd aan de Hoofdofficier van Justitie.
Vervolgens dient de collega het vuurwapen (tijdelijk) in te leveren voor mogelijk nader onderzoek. Als de Hoofdofficier hiertoe aanleiding ziet, bijvoorbeeld in geval van lichamelijk letsel of dood, volgt er veelal een onafhankelijk onderzoek door de Rijksrecherche.

Gelukkig komt het niet vaak voor dat collega's gebruik moeten maken van hun vuurwapen en zijn zij getraind en veelal in staat om hun werk te doen op een andere wijze.



Gelukkig is de Nederlandse politieman of -vrouw geen "cowboy", maar altijd op zoek naar een passende benadering en bejegening van publiek en ook verdachte, waarbij elke vorm van geweld, en zeker het gebruik van het vuurwapen, zo veel als mogelijk wordt voorkomen Soms is daarbij het gebruik van het vuurwapen, zoals de afgelopen weken in Eindhoven, niet te voorkomen. Verdachten van dergelijke zware misdrijven moeten worden aangehouden, ook daar heeft de samenleving recht op.

Gerard Goossens,
Politiechef Eindhoven.

vrijdag 10 juni 2011

Daling op de misdaadmeter, daar zijn we trots op

Hoewel we het natuurlijk zelf ook in de gaten hebben (en houden), zijn we blij met het bericht in het Algemeen Dagblad van 10 juni 2011:

"Eindhoven is van onveiligste plaats vorig jaar, nu nummer 6 van onveilige steden. De stad gooide enkele jaren geleden het rohttp://www.blogger.com/img/blank.gifer radicaal om nadat het enkele keren tot onveiligste stad was uitgeroepen. 'Ik heb wel eens wakker gelegen van de AD-misdaadmeter.' Bekent burgemeester Rob van Gijzel."

Hoewel we details nog niet kennen, die komen morgen pas, zijn we heel blij met dit goede nieuws. Dalen op de ranglijst van het AD van meest onveilige stad naar de zesde plaats, is ronduit spectaculair (zelf hadden we aan de 2e of 3e plaats gedacht).

We zijn er trots op dat we dit resultaat hebben bereikt, met een beperkt aantal hard werkende, gemotiveerde medewerkers. We zijn dankbaar voor de inspanningen die zijn geleverd, de extra diensten die zijn gedraaid en de creatieve oplossingen die telkens weer zijn gevonden. Vooral in de planning.

Waardering hebben we voor onze partners, want veiligheid bereik je alleen door integrale aanpak. Onze partners in het eigen korps (van meldkamer, arrestantenzorg tot vreemdelingenpolitie en de studentenbegeleiders), onze partners aan de repressieve zijde (Openbaar Ministerie, reclassering, gevangeniswezen en Rechterlijke Macht).

Maar ook onze partners aan de preventieve zijde (Jeugdzorg, gemeente, maatschappelijk werk, verslavingszorg en GGZE) en vele anderen in private en publieke sector, alle hebben ze hun bijdrage geleverd om dit resultaat mogelijk te maken.

De AD-misdaadmeter is slechts één van de vele indicatoren op het gebied van veiligheid, maar zij is wel uitgegroeid tot een indicator met impact: burgemeester Van Gijzel heeft er blijkbaar van wakker gelegen. Voor ons is de misdaadmeter een steun in de rug geweest om veiligheid hoog op de agenda in Eindhoven te krijgen.

We vertrouwen er op dat dit een steun in de rug is om samen verder te kunnen de stad nog veiliger te maken. Ik hoop echt dat het niet alleen om de cijfers gaat, maar de bewoners en bezoekers van de stad het ook daadwerkelijk merken.

Toch maar weer een paar cijfers die zo spectaculair zijn:

Woninginbraken = - 12 %
Overvallen (van 67 naar 36) = - 46 %
Aantasting Openbare orde = - 42 %
Diefstal uit auto's = - 25 %
Diefstal van auto's = - 28 %
Zakkenrollen = - 24 %
(Bron: AD Misdaadmeter, 11 juni 2011)

Wij gaan de politiemensen in Eindhoven feliciteren met dit resultaat en volgende week op de bureaus een kleine traktatie uitdelen.

Gerard Goossens
Geert Jansen

donderdag 26 mei 2011

Politie en leger wisselen van jas

De politie en het leger. Beide worden ingezet voor het handhaven van de orde en veiligheid. Beide doen goed werk, maar onder aanzienlijk andere omstandigheden en ieder op zijn geheel eigen wijze. En toch, uniformen blijken ook te verbinden.

Een jaar geleden sprak ik de toenmalige nieuwe brigadegeneraal van de De Ruijter van Steveninckkazerne. We hadden het over deze verbinding. Ook hadden we het over die andere relatie, soms, tussen militairen en agenten. Zijn mannen bezoeken met grote regelmaat op hun vaste stapavond -de donderdag- het Stratumseind. Militairen en het Stratumseind, dat gaat niet altijd samen. De militairen komen daar weleens in aanraking komen met onze collega's. Vandaar de samenwerking tussen de Koninklijke Marechaussee en het politie horecateam. In de krant de volgende dag: "Militairen aangehouden op het Stratumseind". Daar wordt de generaal op z'n zachts gezegd niet blij van.

De generaal en ik spraken af samen een uitwisselingsdag te gaan organiseren. Het doel: elkaar leren kennen, inzicht krijgen en meer begrip voor elkaars werk(wijze). 17 mei was het dan zover op de legerplaats in Oirschot. Een 30-koppige vertegenwoordiging van verschillende brigade-eenheden en zo'n 15 politiecollega's uit de stadse horecadedienst met nog een aantal collega's van de Koninklijke Marechaussee.

Waarom reageren we zoals we doen? Welk effect hebben behoorlijke stresssituaties op ons gedrag? Een militair, juist terug van een uitzending naar Afghanistan waar hij met zijn maten heeft getraind en gewerkt in hecht teamverband. Hoe reageert zo'n militair? Wat gebeurt er in zijn hoofd als één van zijn maten wordt aangehouden na een incident waar de alcohollucht vanaf dampt?

Ik mocht, samen met Generaal Van der Laan, de dag mee openen en sluiten. Verschillende kleuren uniformen. 's Ochtends, iedereen strak bij zijn eigen onderdeel, maar tijdens de dagsluiting gezamenlijk ervaringen uitwisselend en druk met elkaar in gesprek. Gedurende de dag waren er activiteiten en presentaties. Er werd gewisseld van jas door de rollen om te draaien. Beide disciplines vonden elkaar in de overeenkomsten - er was begrip en respect voor elkaars handelen en optreden, elkaars leef-, denk-, en werkwereld.

Persoonlijk vond ik het georganiseerd politieoptreden in het uitgaansgebied erg mooi. Dat was een oefening waarin de rollen militair en agent werden omgedraaid. Het dwong respect af bij "de groene mannen en vrouwen". Misschien ook door de inzet van politiehonden ("jullie doen dus écht niet zomaar iets...") Het slotverhaal van een sergeant die zijn ervaringen met ons deelde over vier maanden inzet in Afghanistan, deed een speld horen vallen. Er was begrip voor de teamspirit die dan ontstaat onder militairen en die een rol speelt bij de incidenten op het Stratumseind. Het is daarmee niet goed te praten, maar het verklaart wel iets.

Zowel het leger als de politie is er "voor die ander", op een missie, in een uitgaansgebied of in een wijk van Eindhoven. Zowel de mannen en vrouwen van Generaal Van der Laan als onze mannen en vrouwen van de politie Eindhoven hebben van de waardevolle uitwisseling genoten. Het gevoel gekregen een stukje dichter bij elkaar te zijn gekomen.

Niet onbelangrijk als je elkaar iedere week ontmoet...

Gerard Goossens,
Politiechef Eindhoven

vrijdag 20 mei 2011

Verbeteren blijft noodzaak (1)

In eerdere blogs hadden we het over de prima resultaten van het afgelopen jaar. We zijn daar trots op en nog meer op de collega's die dit door hard werken hebben bereikt. Tegelijk zeg ik, we zijn nog niet klaar.

Wat hebben we de afgelopen twee jaren gedaan en wat willen we nog bereiken?

Natuurlijk was daar de Commissie Fijnaut met zijn adviesrapport "Veel te Winnen". Het werd de belangrijke leidraad voor onze doorontwikkeling. De commissie onderzocht de (sociale) veiligheid in Eindhoven wat een aantal aanbevelingen voor de politie opleverde.
Daarmee hebben we voortgebouwd op de veiligheidsterreinen die inmiddels in het Integraal Veiligheidsbeleid (IVB) van de gemeente staan. Het vormde de basis voor de opdracht aan de politie. Deze veiligheidsthema’s zijn voor ons een goede verankering van het gebiedsgebonden werken. We vinden dat een goed uitgangspunt voor meer eenheid van politiezorg in de stad, de belangrijkste aanbeveling van de Commissie.

Ik wil een aantal veranderingen van de voorbije periode noemen, allemaal zou teveel worden voor dit blog. In de komende weken zullen we er nog enkele toelichten.

Vrijwel onmiddellijk hebben we duidelijk gemaakt wie de leiding heeft over de politie in de stad en wie daarover het gezag heeft.

Elke week is er 'stafoverleg Veiligheid' met de burgemeester en bespreekt de politiechef de belangrijkste problemen en -ontwikkelingen.

Ook wekelijks gaan de Officier van Justitie, recherchechef en politiechef om tafel en kiezen zij welke opsporingszaken prioriteit krijgen. Dit is een soms moeilijk keuzeproces, omdat er altijd meer zaken zijn dan er (direct) kunnen worden opgepakt.

En er zijn beleidsmatig veranderingen doorgevoerd. Samen met de gemeente en het Openbaar Ministerie zijn speerpunten en prioriteiten benoemd die worden vastgelegd in het jaarplan van de politie Eindhoven.

De politie in de stad heeft het concept Informatie Gestuurde Politie (IGP) ingevoerd. We krijgen beter zicht op de problemen in de stad. De informatiepositie en de -analyse is verbeterd zodat we vaker probleemgericht in plaats van incidentgericht kunnen werken.

Ook de organisatie van de politie wordt aangepakt. Sommige afdelingen worden samengevoegd. Dat zal te merken zijn in de stad want op 23 mei worden ook twee politiebureaus voor het publiek gesloten. Alle maatregelen samen moeten leiden tot een effectievere, meer eenduidige en efficiëntere politiezorg. Uiteraard voor meer veiligheid.

In een volgend blog komen we op een aantal onderwerpen nader terug.